Skip to content

 

Plannen gemeente ‘t Groot Clooster bedreigen voortbestaan Herenboerderij

Gepubliceerd · Bijgewerkt ·

De gemeentelijke gebiedsontwikkeling ‘t Groot Clooster reduceert het areaal van Herenboeren Heemstede met potentieel 40 procent en maakt een levensvatbare Herenboerderij op deze locatie onmogelijk, terwijl reële alternatieven – verdichting van het bestaande bedrijventerrein aan de Cruquiusweg, een al door Haarlem gerealiseerd parallel fietspad over de Zuid Schalkwijkerweg, en de reeds bestaande piekberging van 67 hectare in de Haarlemmermeerpolder – niet serieus zijn onderzocht.

Op wat nu ‘t Groot Clooster wordt genoemd, wordt al ruim vijf en een halve eeuw onafgebroken landbouw bedreven. De eerste schriftelijke vermelding dateert uit 1455, toen op deze plek Hoeve Willigenhoorn stond: een hofstede met huis, schuur, berghuis, boomgaard, zes morgen weiland en bijbehorend zaadland. Daarop verrees in 1456 het Cisterciënzerklooster Porta Coeli, daarna een buitenplaats, en in de twintigste eeuw de boerderij van Seminarie Hageveld. Tot op de dag van vandaag is dit een werkende agrarische plek: Hoeve Nijverdal sinds 1950, en onze Herenboerderij sinds 2022.

Het bijzondere is dat de percelen er nog altijd liggen zoals ze al eeuwen liggen. Op de kaart die Balthasar Florisz. van Berckenrode in 1627 in opdracht van ambachtsheer Adriaan Pauw vervaardigde, zijn de weilanden tussen het Spaarne en de huidige Nijverheidsweg al herkenbaar ingetekend – met dezelfde hoofdverkaveling, dezelfde sloten, dezelfde laanstructuren als nu. Wie de Berckenrode-kaart van 1627 naast een actuele luchtfoto legt, ziet hetzelfde landschap. Een paar boerderijen, een oprijlaan, percelen weiland aan het water: het is wat onze voorouders zagen, en het is wat we nu nog steeds zien.

De directe schriftelijke documentatie van landbouw op deze percelen gaat onafgebroken terug tot 1455. Dat is in de geschiedenis van Zuid-Kennemerland een zeldzaam lange en goed gedocumenteerde continuïteit. Voor de Randstad als geheel is het een uitzonderlijk monument van pre-moderne agrarische landschapsinrichting dat tot op heden zijn oorspronkelijke functie vervult.

Het is wat er op het spel staat. De plannen van de gemeente, als die worden doorgezet, breken in één gebiedsontwikkeling een agrarische structuur af die ouder is dan de Republiek der Nederlanden, ouder dan de meeste straten van Heemstede zelf. Op deze pagina lees je waarom dat niet hoeft, en wat het concreet betekent voor onze boerderij.

Hieronder wordt in het kort uitgelegd wat de plannen van de gemeente, als die worden doorgezet, concreet voor onze boerderij betekenen. Wat er staat is rechtstreeks ontleend aan de huidige concept-Gebiedsvisie en bijbehorende stukken die ten grondslag liggen aan het participatieproces.

Plankaart 't Groot Clooster Heemstede met alle percelen van de coöperatieve Herenboerderij rood gearceerd, het gebied waar natuurinclusieve landbouw door de gebiedsvisie onder druk staat
Plankaart ‘t Groot Clooster met de impact op de Herenboerderij.
Voordat we op de inhoud ingaan, is het goed om één ding voorop te stellen. ‘t Groot Clooster is in de eerste plaats een verzamelnaam die de gemeente heeft gegeven aan een aantal losse percelen rond de Cruquiusweg en het Spaarne. Die afbakening was net zo goed kleiner of groter kunnen zijn. In de gemeentelijke stukken wordt het gebied vervolgens consequent gepresenteerd als één logisch samenhangend geheel dat in zijn totaliteit ontwikkeld moet worden. Daarmee wordt een vanzelfsprekendheid gesuggereerd die er niet is. De keuze om al deze percelen, waaronder onze pachtgrond, HBC, Hoeve Nijverdal, Hageveld, het Havenkwartier, het bedrijventerrein aan de Cruquiusweg en Park Meermond, in één integraal plan te bundelen, is en blijft slechts een bestuurlijke keuze.

Wat wil de gemeente?

De gemeente wil in het Havenkwartier circa 300 woningen bouwen. Daarnaast wil zij in het bredere gebied ‘t Groot Clooster 3 hectare nieuw bedrijventerrein realiseren en het buitengebied intensiever inrichten voor recreatie, fietsroutes en bereikbaarheid. Wat dit voor onze boerderij betekent:

  • Onze beste landbouwpercelen A, B en C – direct tegenover de stal – worden omgezet naar sportvelden en een parkeerterrein voor HBC en Park Meermond. Zo komt er bij HBC ruimte vrij voor extra bedrijventerrein.
  • Dwars over onze landbouwgrond is een regionaal hoofdfietspad van 6 tot 7 meter breed ingetekend, plus extra wandelpaden en intensiever recreatief gebruik op ons terrein.
  • Het gebied waar onze koeien nu grazen, aan het water, wordt door de gemeente aangewezen als “natte natuur op boezemniveau”, met “nieuwe moerasoevers” en een “plasdrasbiotoop”. Daarmee verdwijnt dit deel als landbouwgrond.
  • Als ‘compensatie’ wordt vaag verwezen naar grond ten noorden van ons terrein (Hoeve Nijverdal, in eigendom van het Bisdom), die nu in gebruik is bij de huidige pachter. Die zou dan 7 hectare van zijn land moeten opgeven. Hoe dit zonder verlies voor beide partijen zou kunnen, is niet uitgelegd.

Welk probleem moet er eigenlijk worden opgelost?

De aanleiding voor de druk op onze gronden is onder andere de vermeende noodzaak een nieuw bedrijventerrein van 3 hectare te realiseren. Na bestudering van de gemeentelijke stukken blijkt dat dit veel minder hard is dan de gemeente doet voorkomen:

  • Niet onderbouwd. De 3 hectare is een optelsom van verschillende, op zichzelf niet-harde ontwikkelingen elders in de gemeente. Vrijwel elk onderdeel daarvan vraagt nog om een politieke keuze. Als die keuzes anders uitpakken, valt ook de zoekvraag anders uit. Een onderbouwde, dwingende verplichting om juist 3 ha op deze plek te realiseren is er niet.
  • Verdichting Cruquiusweg niet onderzocht. Op het bestaande bedrijventerrein aan de Cruquiusweg is volop ruimte voor verdichting – door slimmer en hoger te bouwen (bedrijfsruimte boven bedrijfshallen) kan op de huidige grond aanzienlijk meer worden gerealiseerd. De gemeente erkent dit zelfs in haar eigen vragenlijst, maar heeft de mogelijkheid bestuurlijk niet serieus onderzocht. Daarmee wordt onze grond als sluitpost gebruikt zonder dat het meest voor de hand liggende alternatief is afgewogen.
  • Geen harde MRA-verplichting, en zeker niet voor déze locatie. Volgens de verantwoordelijk wethouder is sprake van een MRA-verplichting. De Metropool Regio Amsterdam (MRA) is geen overheidslaag met dwingende bevoegdheden, maar een netwerkorganisatie waarin gemeenten met elkaar op vrijwillige basis afspraken maken. Er is dus geen wettelijke of bestuurlijke plicht die afdwingt dat Heemstede 3 hectare bedrijventerrein realiseert, laat staan op onze landbouwgrond. De regionale afspraak gaat er hooguit van uit dat compensatie ergens in de regio plaatsvindt. Die regio loopt van Zandvoort tot de Flevopolder en van Enkhuizen tot aan Maarssen. Andere locaties in Heemstede, bijvoorbeeld langs de Ringvaart, zijn niet als serieus alternatief onderzocht. Een onafhankelijk alternatievenonderzoek met heldere afweging ontbreekt.

Vergelijkbaar geldt dit voor het regionale hoofdfietspad dat de gemeente dwars over onze landbouwgrond wil aanleggen. Aan de overzijde van het Spaarne richt de gemeente Haarlem op dit moment de Zuid Schalkwijkerweg in als fietsstraat en hoofdfietsroute tussen Haarlemmermeer en Haarlem. Die route ligt vrijwel parallel op een afstand van 400 meter, vervult exact dezelfde regionale functie en wordt al gerealiseerd. Een tweede hoofdfietsroute dwars over actief in gebruik zijnde landbouwgrond is daarmee niet alleen ingrijpend voor onze boerderij, maar ook niet uit te leggen vanuit een regionale logica.

De aanwijzing van onze graslanden aan het Spaarne als “natte natuur op boezemniveau” rust op de redenering dat het oostelijk deel van ‘t Groot Clooster laag ligt (circa –1,5 m NAP) en daarmee kansen biedt om de polder op boezemniveau te brengen, aansluitend bij een regionale ambitie voor meer waterberging. Tussen Gebiedsagenda en Gebiedsvisie is het voorbehoud dat de gemeente zelf maakte – dat deze locatie niet cruciaal is voor de wateropgave – weggevallen en is een ‘kans’ verschoven naar planuitgangspunt.

Een vergelijking met de werkelijke regionale wateropgave maakt dit nog scherper. Op slechts enkele kilometers afstand, in dezelfde Haarlemmermeerpolder en onder hetzelfde waterschap (Hoogheemraadschap van Rijnland) waar ook ‘t Groot Clooster onder valt, is al een volwaardige piekberging gerealiseerd van 67 hectare met een capaciteit van 1 miljoen kubieke meter water. Het stukje grasland in ‘t Groot Clooster van circa 3 hectare dat de gemeente wil vernatten is daar een orde van grootte kleiner van en draagt in regionale termen verwaarloosbaar bij. Een concrete, toetsbare opgave voor waterberging op deze specifieke locatie, in kubieke meters en gekoppeld aan een waterveiligheidsnorm van het waterschap, ontbreekt in de gemeentelijke stukken volledig.

Wat betekent dit concreet voor onze boerderij?

Het effect is ingrijpend. Met deze plannen verdwijnt bijna de helft van ons terrein als landbouwgrond. De rest wordt door het regionale fietspad en de geplande wandelpaden als aaneengesloten, natuurgedreven boerderij praktisch onbruikbaar:

  • Stal geïsoleerd, hart van het bedrijf weg. Zonder de percelen A, B en C tegenover de stal wordt onze schuur met potstal losgeknipt van de landbouwgrond. De plek waar oogst wordt uitgegeven, vee overwintert, koel- en vriesinstallaties staan en leden samenkomen, staat dan los van het land dat het bedient.
  • Kringloop sneuvelt. Een van de basisconcepten van onze boerderij is de gesloten kringloop tussen vee, mest, gewasrotatie en bodem. Met het verlies van de beste percelen én van de koeienweide aan het water is die kringloop niet meer te realiseren.
  • Boomgaard zwaar geraakt, kruidentuin verdwijnt. Nagenoeg de helft van onze boomgaard zou verdwijnen. Wij hebben in 2022 ruim 3.000 fruitbomen geplant. Die beginnen na zo’n vier jaar pas vrucht te dragen – precies nu. Door deze plannen zouden wij voor een groot deel weer helemaal opnieuw moeten beginnen.
  • Onder de levensvatbaarheidsgrens. Het Herenboerenconcept vraagt minimaal 18 tot 20 hectare aaneengesloten, geschikte grond. Daar zakken we met deze plannen ruim onder. De veenpercelen ten noorden zijn te nat en ongeschikt voor groenteteelt en kunnen het verlies van de zandgronden niet opvangen.
  • Verlies van rust en karakter. Een breed regionaal fietspad, wandelpaden en intensiever recreatief gebruik tasten de rust aan die essentieel is voor mens, dier en bodem.
  • Vier jaar opbouw en miljoenen aan inzet onderuit. We zijn halverwege het zeven jaar durende traject om een regeneratief systeem in balans te brengen. Er is ruim € 700.000 geïnvesteerd in fruitbomen, kas, oesterzwamrij, schuur, bodemverbetering en biodiversiteit. Daar bovenop komt de inzet van onze leden: omgerekend naar marktwaarde gaat het inmiddels om een totale investering van circa € 2 miljoen. Een groot deel daarvan is verbonden aan juist déze percelen.

Tot slot

Kort gezegd: haal je een stuk weg of verplaats je het, dan haal je het geheel onderuit. Een levensvatbare Herenboerderij op deze plek is alleen mogelijk als de huidige omvang, locatie en samenhang behouden blijven, zoals vastgelegd in onze 30-jarige erfpachtovereenkomst en bevestigd door vrijwel alle politieke partijen in maart 2026.

Onze inzet blijft behoud van wat er is, en een eerlijke afweging van alternatieven voor het bedrijventerrein, het regionale fietspad en de natte natuur op onze landbouwgrond voordat onze grond als sluitpost wordt gebruikt. Voor de gemeenteraad Heemstede ligt nu de keuze om dit burgerinitiatief en de natuurinclusieve, coöperatieve landbouw op deze historische percelen te behouden, of de huidige gebiedsvisie ongewijzigd door te zetten.